Aswoensdag

Overweging van ds. Iemke Epema, 18 feb. 2026

  Eerste lezing:  Joël 2, 12 - 18
  Evangelie:       Matheus, 6, 1 - 6 en 16 - 18

Lees of print je de overweging liever als PDF? Die vind je hier.
Hier vind je alle overwegingen.

Overweging

In het verborgene, die woorden komen een paar keer terug in onze lezing.

God wordt hier omschreven als iemand die zelf in het verborgene is, en die ook in het verborgene ziet.

En wij worden aangemoedigd om te geven, te bidden en te vasten in het verborgene. Om die dingen te doen zonder dat het zichtbaar is voor anderen.

Waarom ligt de nadruk hier zo op dat verborgene, en onzichtbare? Waarom zou God zich juist ophouden in het verborgene?  We willen toch graag iets van God zien, ervaren, en dat ook kunnen delen met anderen? En waarom zouden wij de manier waarop wij met God bezig zijn verborgen houden voor anderen? Je zou toch denken dat geloof er juist om vraagt zichtbaar te worden gemaakt?

In de afgelopen dagen is dat woord ‘verborgene’  met me mee gegaan, ik bleef erop kauwen. En ik ben er nog lang niet mee klaar. Toch wil ik er vanavond al iets over zeggen.

Allereerst dat het misschien wel goed is voor ons allemaal om eens over na te denken in de komende 40-dagentijd, die een tijd is van bezinning, inkeer en concentratie op wat wat er in het leven echt toe doet, nadenken over de betekenis van het verborgene.

Bij mij kwam een liedregel boven ‘U kennen, uit en tot U leven, Verborgene, die bij ons zijt.’ Verborgene die bij ons zijt.

Het woord dat er in het Grieks staat in onze evangelietekst is cryptos, ons woord cryptisch komt er vandaan. Als iets niet meteen duidelijk is, maar je op zoek moet naar de betekenis, als die betekenis zich nog verborgen houdt, zoals bij een cryptogram, -daar zit dat woord ook weer in. En hetzelfde woord zit in crypte, de ondergrondse ruimte onder een kerk, waar heilige schatten bewaard worden.

Als iets verborgen is moet je ernaar gaan zoeken om het te kunnen ontdekken. En zoeken betekent dat je moeite wilt doen en geduld wilt opbrengen. Omdat er iets is dat die moeite waard is.

Dus geven, bidden en vasten in het verborgene. Bij al deze dingen gaat het niet om iets dat je doet om mee naar buiten te treden om jezelf zichtbaar te maken voor anderen en jezelf te profileren. Kijk mij eens goed bezig zijn. Het gaat juist om een omgekeerde beweging, een die zich naar binnen richt, op zoek naar wat werkelijk de moeite waard is, wat heilig is, kostbaar, verborgen.

Bidden, geven en vasten zijn ieder op een eigen manier oefeningen in geloof dat verder wil kijken dan de buitenkant, dat zich niet wil laten misleiden door uiterlijke schijn, maar dieper wil gaan, dieper wil zien, tot op de bodem, tot in het hart.

Zoals God diep ziet en peilt, door alle schijn en huichelarij heen, in het verborgene.

We beginnen met geven. Het geven van aalmoezen gold als een belangrijke religieuze plicht. In het woord aalmoes is een verbastering van het ‘eleison’ uit het Kyrië eleison, het woord ‘ontferming’ zit erin. Het ware geven heeft te maken met je ontfermen, je diep van binnen laten raken. Het komt niet zo zeer voort uit schuldgevoel, de behoefte om je eigen slechte geweten te sussen en aan anderen bewijzen dat je echt wel een goed mens bent, maar het ontspringt uit een diep gevoelde bewogenheid. Het is, net als bidden, de tweede in het rijtje, op zoek willen gaan naar wat dieper ligt. Bij bidden is het zo dat datgene waar jij in je gebed om vraagt iets is dat ook van jouzelf wordt gevraagd. Bidden keert je naar binnen, confronteert je met jezelf.

En dan die laatste, vasten, daarbij gebeurt dat ook. Vasten confronteert je ook met jezelf, en vaak met je zwakheid, want wat kan het een moeite kosten. Wat is het soms moeilijk om weerstand te bieden aan verleidingen. Wie vast wil proberen weerstand te bieden aan wat onmiddellijk voor ogen en voor het grijpen is, in het besef dat we leven van wat we ontvangen. En dan gaat het niet alleen om voedsel, maar ook om andere dingen, eigenlijk om alles. Vasten is een vorm van bewust worden, stoppen met maar gedachtenloos consumeren, en net als bij geven en bidden de aandacht sturen naar wat onder de oppervlakte verborgen gaat, wat dieper ligt, in het verborgene.

Waar de bron te vinden is waaruit wij leven. Waar we vandaag op deze Aswoensdag weer bij worden bepaald.

Dat wij weer weten, dat wij gemaakt zijn,
                genomen, gevormd, uit stof van de aarde.

Adem in ons, breekbaar en broos, kruiken van aarde,                                                                                    dat wij weer weten, dat Gij ons vormt.