Een nieuw begin.....

Overweging van René Dinklo OP, 4 jan. 2026

  Eerste lezing: Jesaja 60, 1 - 6 
  Evangelie:      Matteüs 2, 1 - 12

Lees of print je de overweging liever als PDF? Die vind je hier.
Hier vind je alle overwegingen.

Overweging

Het nieuwe jaar 2026 is net begonnen. Het voelt als een nieuw begin.
Waarom?
De mens is in wezen een tijdreiziger. Ook al sta je stil in fysieke of soms in geestelijke zin, de klok loopt onvermijdelijk door. We leven ons leven in de tijd ons gegeven. Een jaar vormt een cyclus van de seizoenen. Iedere keer als de cyclus weer begint ervaren we dat als een nieuw begin.

Het eerste grote kerkelijke feest dat we in het nieuwe jaar vieren is de Openbaring van de Heer. We vieren het terwijl de nodige mensen de kerststal al hebben opgeruimd.
Een traditionele kerststal met Maria en Jozef, kindje Jezus in de kribbe, de engelen en de herders, de drie koningen en de dieren als os, ezel en kameel, is een uitdrukking van bijbels grasduinen uit zowel het Oude als het Nieuwe Testament.
Het Lucas evangelie dat we op kerstavond lezen, heeft het over Maria en Jozef, kindje Jezus in de kribbe, de engelen en de herders.
Het Matteus evangelie wat we zojuist gehoord hebben, heeft het over Maria, kindje Jezus, de ster en de wijzen met hun geschenken. In dit evangelie geen uitgebreid geboorteverhaal. Geen reis naar Bethlehem op basis van een decreet van de keizer, geen overboekte herbergen en geen kribbe. Alleen een bezoek van de wijzen aan het huis waarin Maria en het kind verbleven.

De wijzen vormen figuranten in het verhaal. Ze komen op en gaan weer af en verdwijnen uit beeld. En de geschenken: goud, wierook en mirre, lijken ook in rook te zijn opgegaan.  Maar niets in bijbelverhalen gebeurt zonder reden.

Generaties mensen hebben zich het hoofd gebogen over de identiteit van die wijzen. Wie waren ze?
In de originele tekst van Matteus, worden ze aangeduid als magoi, magiërs of wijzen. Het waren niet-Joden. Je kunt ze plaatsen in het Perzische Rijk en behoorden tot de bovenklasse van de samenleving. Ze hadden kennis over de sterren, maar het waren geen beroepsastrologen. Ze hadden priesterlijke taken aan het Perzische hof en waren als raadgevers betrokken bij het kiezen en inwijden van de nieuwe koning en diens voorbereiding op het koningschap.

Met deze kennis, is er wat meer te zeggen over de verhouding tussen de wijzen en koning Herodes en de wijzen en hun bezoek aan Maria, Jozef en kindje Jezus.
Als de wijzen aan Herodes vragen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden?’ Dan is het logisch dat Herodes voelt dat zijn positie bedreigd zou kunnen gaan worden. Wie willen de wijzen voorbereiden op het koningschap van de Joden?

De wijzen laten zich leiden door de ster en komen uit bij het huis van Maria en kindje Jezus. Niets geen koninklijk hof, maar Matteus beschrijft ook niet dat de wijzen verbaasd waren of in vertwijfeling raakten. Nee, de wijzen eren Jezus als een koningskind.  Ze knielden voor hem neer, betuigden hem hun hulde en boden hem koninklijke geschenken aan.

Het lijkt een onwerkelijk verhaal, maar je kunt wel parallellen vinden in onze tijd van nu in een andere cultuur. Ik bedoel de cultuur van het Tibetaans boeddhisme. Als hun geestelijke leider, de Dalai Lama, sterft, zal na verloop van tijd een klein team van mensen op zoek gaan naar een kind die de reïncarnatie zou zijn van de Dalai Lam. Het team zou het kind dan aanwijzen. Iets dat door de Chinese politieke leiders met grote argusogen zal worden gevolgd mocht dat proces in werking treden! Zo vreemd is het verhaal van de wijzen dus niet.
In de christelijke traditie gaat het echter niet om een reïncarnatie, maar om de incarnatie. Het Woord dat vlees is geworden!

Vanuit de traditie wordt het verhaal van de aanbidding van de wijzen gezien als de vervulling van de profetie uit Jesaja die we hebben gelezen als eerste lezing. De goddelijke liefde is verschenen in Jezus. De verlossing die hij daarmee kan bewerkstelligen is er niet alleen voor Israël, maar voor de gehele mensheid.

Je zou ook kunnen zeggen dat God in Jezus komt met een nieuw begin voor de mensheid.
En de wijzen erkennen in hem degene die ze zochten. Ook voor hen is dat een nieuw begin. Zij zijn door hem in beweging gekomen vanuit het Oosten, maar ze zijn ook door deze gebeurtenis en door de droom die ze kregen, veranderd. Ze gaan geen verslag uitbrengen aan Herodes en slaan een nieuwe weg in naar het Oosten.

Het vieren van het Hoogfeest van de Openbaring van de Heer, moge ons ook prikkelen om nieuw te beginnen. Niet omdat een nieuwe jaarkalender is gestart, maar vanwege de pasgeboren koning.
Wat kunnen we daarbij leren van de wijzen?

De wijzen kwamen in beweging. Ze trokken naar Jeruzalem en vervolgens naar Bethlehem. Matteus geeft ons te summiere informatie over het hoe en waarom. Wat verlangden de wijzen, wat motiveerden hen zo sterk dat ze een grote reis gingen ondernemen?
Wat we kunnen leren van de wijzen is dat we in beweging moeten komen. En de reden om in beweging te komen ligt buiten onszelf. We leven in een ik-georiënteerde samenleving. We zijn veel bezig met onszelf, onze eigen issues. Dat is soms ook onvermijdelijk. Maar de vraag is: ‘waar oriënteren wij ons op?’ Zetten we onszelf in het middelpunt of is dat de Heilige?
Vanuit christelijk perspectief is het antwoord duidelijk. Laten we ons oriënteren op het goddelijk Licht. Het licht van de Ster van Bethlehem, het licht van Jezus Christus of de goddelijke vlam, die je af en toe kunt zien oplichten in mensen of in gebeurtenissen in onze wereld.
Laat dit licht jezelf doen oplichten, jezelf doen openbreken om mens te worden in Gods licht, om zijn licht te laten stralen in onze wereld.
Hieraan kunnen we beginnen, elke dag opnieuw om uiteindelijk onze weg te vinden naar het hemelse Jeruzalem.