Dominicanenklooster Zwolle
Terug naar overzicht
Niet terugdeinzen

Niet terugdeinzen

30 augustus 2026

Overweging van Jan Groot, 30 aug. 2026

  Eerste lezing:  Jeremia 20,7-9
  Evangelie: Matteüs 16,21-27

Lees of print je de overweging liever als PDF? Die vind je hier.
Hier vind je alle overwegingen.

Overweging

Ik probeer het me in te denken:

hoe is het om anoniem bedreigd te worden,

al dan niet met de dood.

Dat jaagt je permanent de stuipen op het lijf.

Het gebeurt helaas steeds vaker,

via social media bijvoorbeeld, of via een briefje in de bus:

‘Wij weten je te vinden,

en je kinderen ook’.

Het overkomt allerlei mensen:

burgemeesters, gemeenteraadsleden, ministers,

en ook zo maar mensen in een dorpsstraat.

Ze zullen je huis maar bekladden!

Bedreigingen zijn huiveringwekkend, ze kruipen onder je huid,

Het is iets van dag en nacht.

Zie dan maar eens de rust te bewaren

en je rug recht te houden!

Het lijkt me vreselijk als het je gebeurt.

Ik probeer me trouwens ook de andere kant in te denken:

wat beweegt mensen in ’s hemelsnaam

om anderen anoniem te gaan bedreigen,

en niet met hen in gesprek te gaan?

Wat is dat? Waar komt die wreedheid vandaan?

Wat is er met je gebeurd er als het zover met je komt?

 

Nu zijn bedreigingen van alle tijden.

Denk maar aan de profeet Jeremia,

we horen hem vandaag.

Hij is door God geroepen tot profeet.

Onomwonden klaagt hij

het onrecht van de leidende klasse van zijn tijd aan.

En dan komen de doodsbedreigingen en de intimidaties.

De tempelpriester laat hem bijvoorbeeld oppakken.

Jeremia krijgt stokslagen en wordt in het blok gezet;

na een dag wordt hij weer losgelaten.

De intimidatie werkt níet,

Jeremia geeft die priester zelfs publiekelijk

een nieuwe, sprekende bijnaam: ‘Ontzetting overal’.

De profeet deinst dus niet terug,

maar van binnen stormt bij hem – geen wonder – de tweestrijd.

We hoorden het: een intiem gebed tot God,

de diepe verzuchting: ‘God, waaraan hebt U mij laten beginnen’?

De tegenstand is Jeremia bijna te machtig.

Hij vertelt God wat hij moet verduren:

mishandeling, bespotting, vernedering en schande,

en hij staat er nog alleen voor ook.

Neem het hem eens kwalijk dat hij wil stoppen.

Maar hij kán het gewoon niet.

Het innerlijke vuur dat God heeft ontstoken,

het is sterker dan al zijn wanhoop. Hij geeft niet op.

Er wordt hem nieuwe geestkracht gegeven.

 

Naast Jeremia staat vandaag Petrus. We hoorden het.

Wat ging er aan de tekst vooraf?

Petrus heeft als eerste voluit uitgesproken

wie Jezus voor hem is:

‘de messias, de zoon van de levende God’.

Meteen daarna heeft Jezus Petrus

tot steenrots van de kerk heeft uitgeroepen,

echt iemand om op te bouwen.

En dan vervolgt Jezus in volle ernst:

‘Ik moét naar Jerusalem gaan;

daar wachten mij lijden en dood,

door toedoen van de leiders van het volk,

maar op de derde dag word ik uit de doden opgewekt’.

 

Petrus reageert daar furieus op:

‘Dat nooit, God verhoede dat’.

Jezus’ reactie daarop is even fel: hij keert hem de rug toe,

Petrus krijgt weer een nieuwe naam:

‘Satan’, noemt hij hem, nota bene!

Petrus ontpopt zich als een verleider.

Van hem mag Jezus niet naar Jerusalem gaan.

Wat zit daarachter?

Petrus wil zijn grote vriend en messias Jezus gewoon niet kwijt.

Zijn grote huiver is begrijpelijk, net als die van Jeremia.

Maar dan zegt Jezus klip en klaar

wat voor hem én voor zijn volgelingen de waarheid is:

‘Je kruis opnemen en mij volgen.

            Wie zijn leven verliest omwille van mij,

die zal zijn leven behouden’.

 

Die grote woorden over de kruisdood

en de consequenties van de navolging van Jezus

zullen bij ons altijd blijven schuren.

Maar het kruis is niet zelf het doel,

Jezus neemt het vastberaden op zich

vanwege Gods droom met de mensheid,

hij neemt het op zich vanwege die grote liefde.

Ook Jezus zelf zal in Jeruzalem, vlak voor het einde,

in de tuin van Getsemane zijn tweestrijd kennen

en bijna terugdeinzen.

Hij zal dat biddend uithouden

en de weg toch ten einde gaan, hij zal de beker drinken tot de bodem.

 

Waar Jeremia en Jezus voor staan,

en ook Petrus later in zijn leven, die levensgrote bedreigingen,

zijn uitzonderlijk, de meesten van ons kennen dat gelukkig niet.

Ondertussen hoor ik er wel een dringende oproep in

aan ons allemaal:

deins niet te vlug terug voor iets dat moeilijk is.

Dat is van groot belang en een diepe wijsheid!

 

Ga nog even mee terug naar mijn begin,

over die anonieme bedreigingen in onze samenleving.

Als omstanders, het zogeheten ‘stille midden’,

worden we daar vaak heel machteloos en verdrietig van,

net als van de vormen van achterstelling en discriminatie,

die achter de bedreigingen zitten.

Dat soort ontwikkelingen lijken maar steeds meer gewoon te worden.

Maar gelukkig zijn er altijd weer mensen

die van omstander medestander worden,

hoe klein en onbeholpen, of hoe dapper en vastberaden ook.

Ze komen met een ander geluid, een klein gebaar,

ze reageren met wijsheid en respect,

luisterend en zoekend naar wat verbindt.

Laten we blijven opstaan

voor menselijkheid en rechtvaardigheid.

 

Hier klinkt een oproep aan ons allemaal:

laten we blijven staan voor het goede,

rechtop en vrijuit en liefdevol,

en vooral SAMEN.

 

(Beeld: Paul Gauguin, Christus is in de olijftuin, 1889)

Orgelrestauratie →
Niet terugdeinzen - Dominicanen Zwolle