Dominicanenklooster Zwolle
Terug naar overzicht
Brood voor het hart

Brood voor het hart

05 augustus 2026

Overweging van Corinne van Nistelrooij OP, 2 aug. 2026

  Eerste lezing:  Jesaja 55, 1 - 3
  Evangelie:  Matteüs 14, 13 - 21

Lees of print je de overweging liever als PDF? Die vind je hier.
Hier vind je alle overwegingen.

Overweging

Ik vertel u niks nieuws als ik zeg dat het vakantietijd is. En ik weet niet hoe het bij u is maar bij mij komen in deze periode de bijbelverhalen en de zingevingsvragen wat anders binnen. Ik heb de behoefte om te re-creëren. En dan bedoel ik niet dat ik naar recreatiepark wil en de boel hier achter wil laten en die Bijbel lekker dicht wil laten zitten. Nee, ik bedoel dat ik zin heb om zo’n bekend Bijbelverhaal eens een beetje op te schudden, er een andere draai aan te geven.

 Als ik dat doe begeef ik me trouwens in goed gezelschap want het verhaal van de broodvermenig-vuldiging dat we zojuist hoorden, wordt door alle vier de evangelisten verteld. Maar allemaal nét een beetje anders. En Matteüs doet zelfs iets heel opvallends: hij vertelt het verhaal twee keer, kort na elkaar. Tweemaal een broodwonder, maar de details verschillen. Alsof hij wil zeggen: kijk nog eens goed. Er zit méér in dit verhaal dan je op het eerste gezicht denkt.

 Vanmorgen wil ik u meenemen in mijn fantasie. Niet omdat ik denk dat ik het beter weet dan Matteüs maar omdat ik geloof dat Gods Woord lééft. Dat het zich steeds opnieuw laat lezen
en steeds opnieuw iets nieuws kan laten oplichten. Dus neem ik u een stukje mee, in een mogelijke interpretatie van dit verhaal.

 Ik wil beginnen met te zeggen dat maaltijden in de Bijbel heel belangrijk zijn. Er wordt heel wat gegeten en gedronken in de Heilige Schrift. Natuurlijk, eten is een eerste levensbehoefte en het is iets heel herkenbaars voor mensen van alle tijden. Daarbij is het iets dat je bij voorkeur sámen doet. Het liefst eten en drinken we in gezelschap, samen eten is verbindend. Het is de ideale gelegenheid om verhalen uit te wisselen en herinneringen op te halen. Op die manier bouw je met elkaar een gedeelde geschiedenis op. Je toont ook respect aan degene die het eten gemaakt heeft, door er wat van te nemen.
Als er één iemand in een groep op een feestelijke bijeenkomst zonder medische reden of afslankpoging, toch elk koekje, elk toastje, elk drankje consequent afslaat dan komt zo’n weigering, onbedoeld, afstandelijk over. Door iets te nemen, al is het iets kleins, bevestig je het samen-willen-zijn. Je eet op zo’n moment niet voor de honger, maar voor het hart. Met dat je je mond open doet om wat te eten, zet je in feite ook je hart open. En zeg je daarmee: ik vind het fijn om hier te zijn, in jouw gezelschap.

Jesaja zegt in de eerste lezing: "Komt allen die dorst hebben. Komt naar het water. Ook wie geen geld heeft, kom, koop en eet." Dat is een hartelijke uitnodiging! Je krijgt wat zonder er voor te betalen, zonder iets te presteren. Jesaja heeft het duidelijk niet over brood voor onze maag, maar over brood voor ons hart. Over datgene waar een mens werkelijk van leeft.

Want laten we eerlijk zijn: wij leven in een samenleving waarin we bijna alles kunnen bestellen. Met een paar drukken op een knop staat morgen een pakketje voor de deur. Maar liefde en aandacht laten zich niet bezorgen. Vrede kun je niet downloaden. Vertrouwen en vriendschap koop je niet in de supermarkt. Misschien kent u dat gevoel wel. Dat er eigenlijk niets ontbreekt en toch iets mist. Dat je agenda vol staat, maar je hart leeg aanvoelt. Dat je veel contacten hebt maar weinig echte ontmoetingen waarin je samen het leven deelt.

En dat gevoel van gemis brengt me bij onze evangelielezing. Bij het moment dat Jezus compassie voelde voor de mensen die hem gevolgd waren. Hij sprak met hen, inspireerde en maakte contact, genas mensen die niet lekker in hun vel zaten. Hij was als voedsel voor hun ziel.
5000 man waren er, zo staat er. Vrouwen en kinderen niet meegeteld, dat staat er nadrukkelijk bij.

Vrouwen en kinderen werden in die tijd eenvoudigweg niet meegeteld. En ik denk: wat jammer eigenlijk. Want als er in die tijd iemand geweest zal zijn die iets te eten had meegenomen, dan waren het vast en zeker die vrouwen. Welke moeder gaat immers met haar kinderen een hele dag op pad zonder iets in een tas te stoppen? Een stuk brood, wat fruit, olijven, een stukje kaas, een kruikje water...  We zouden de vrouwen van die tijd toch ernstig tekortdoen als wij menen dat zij niet voor hun naasten zorgden door geen eten en drinken voor onderweg mee te nemen.

Ik zie het zomaar voor me. Honderden tassen en picknickmanden die open gingen bij Jezus dankgebed. Ja, er zat vast veel meer eten tussen de mensen dan de leerlingen zagen. Misschien zagen zij alleen de leegte. En zagen de vrouwen de mogelijkheden. Misschien begon het wonder wel toen één moeder dacht: Ach, dat jongetje naast mijn dochter heeft niets. Hier kijk eens ventje, alsjeblieft! En een ander gezin zag dat gebeuren en dacht: Dan delen wij ook.
En nog een. En nog een.

En mensen daar zittend op het gras raakten aan de praat met elkaar, deelden en aten. Brood voor het hart. En zo ontdekte iedereen dat er eigenlijk genoeg was. Niet omdat er ineens uit de hemel brood naar beneden viel, maar omdat gesloten handen zich openden. En dan blijkt dat niemand iets tekortkomt!

Het mooie hiervan vind ik dat het wonder niet kleiner wordt, maar juist groter. Het is niet alleen de liefde van Jezus die vermenigvuldigd wordt maar ook de aandacht van mensen voor elkaar.
Het is geen goocheltruc met brood, maar een wonder dat harten verwarmt.

En kijk eens hoe het evangelie eindigt. Waar mensen delen, waar mensen elkaar zien, ontstaat overvloed. Als we degenen die niet meegeteld worden, eindelijk eens wél meetellen. Als we ze zien mét alles wat ze te bieden hebben, dan zie je dat er zelfs overblijft! Twaalf manden vol zelfs, zo lezen we. Genoeg voor elke maand van het jaar.
Ik zou zeggen: dat is geen rekensom, dat is een geloofsbelijdenis.

Orgelrestauratie →
Brood voor het hart - Dominicanen Zwolle